Makkelijk Lezen Magazine | “Leer ze vooral plezier te hebben in lezen”
15829
post-template-default,single,single-post,postid-15829,single-format-standard,qode-news-1.0.2,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode_grid_1200,footer_responsive_adv,qode-content-sidebar-responsive,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-14.3,qode-theme-bridge,disabled_footer_top,wpb-js-composer js-comp-ver-5.4.7,vc_responsive
Juf Janneke hoofd

“Leer ze vooral plezier te hebben in lezen”

Kleuters moeten kleuters blijven, vindt Janneke van Kammen die in Groningen voor de klas staat. Toch is ze al jaren bezig met risicosignalering bij kleuters op het gebied van dyslexie. “’Een kind dat moeite heeft met letterherkenning heeft baat bij herhaling.”

Behoefte om te leren lezen

Janneke staat al 35 jaar staat voor de kleuterklas. In die 35 jaar heeft ze het schoolklimaat en haar kinderen zien veranderen. “Vroeger gebeurde er in de kleuterklassen minder met schrijven en kennismaken met letters. Daar doen we nu steeds meer mee,” vertelt ze. En dat moet ook: “De leefwereld van de kinderen is veranderd. Ze komen nu veel vroeger in aanraking met dingen die ze interessant vinden. Ze hebben ook meer behoefte om te spelen met letters, letters te leren of zelfs te leren lezen.” Janneke merkt dit vooral tijdens een van de vele leesmomenten in de klas. Als de juf voorleest, willen de kinderen ‘meelezen’ en vanzelfsprekend krijgen ze die kans.

Janneke heeft een blog met tips voor leerkrachten. Op haar blog is ook een signaleringslijst te vinden met signalen die een achterstand vertonen. >klik hier<

“Ze mogen dan boeken ‘voorlezen’, op hun manier.” Meestal bekijken leerlingen de plaatjes en vertellen daar hun eigen verhaal bij. Of ze benoemen letters die ze zien. Een enkel kind vindt het leuk om die letters te vertalen naar woorden. “Zij willen écht gaan lezen. Als ik merk dat ze dat willen, geef ik ze hele eenvoudige boekjes met voorbereidende oefeningen voor groep 3. Ook laat ik deze kinderen volop zelf boekjes maken en schrijven bij hun eigen tekeningen.”
Ze benadrukt dat ze geen expert is op het gebied van dyslexie. Dat kan immers officieel pas worden vastgesteld in groep 4. Maar ze weet uit ervaring dat problemen al vanaf de kleuterklas gesignaleerd en bijgestuurd kunnen worden. Aanvankelijk nam de leerkracht twee keer per jaar de CITO-test af bij alle kleuters, maar dat heeft de school voor groep 1 laten vallen. Dat de Citotoets in groep 2 wel afgenomen wordt, is echter meer een schoolafspraak dan een manier om taalproblemen boven water te krijgen, benadrukt ze. “Wat mij betreft wordt er geen kind meer getoetst, maar wel heel goed gevolgd.”

UTRECHT - Leerlingen van groep 1/2 van De Parkschool in de Utrechtse wijk Lombok zijn maandag begonnen aan hun eerste schooldag. Het basisonderwijs in de Regio Midden-Nederland is als eerste begonnen aan het nieuwe schooljaar. ANP KOEN SUYK

Utrecht – Leerlingen van groep 1/2 van De Parkschool

Extra oefeningen

Alleen een CITO-toets is volgens Janneke niet genoeg om te weten waar een leerling staat in de taalontwikkeling. Het is beter om met ze te werken aan auditieve oefeningen op allerlei gebied: rijmen, analyse, synthese, woordenschat en de benoemsnelheid cijfers en letters. De begin- en eindletters van woorden oefenen en dan kijken wat blijft hangen.” Om die reden werkt de school met het toetspakket ‘Beginnende Geletterdheid’. In de praktijk betekent dit dat Janneke in oktober bij de kleuters van groep 2 spelenderwijs test wat ze al kunnen, zodat ze direct constateert op welk gebied een kind extra oefeningen kan gebruiken. Die oefeningen doet Janneke spelenderwijs, buiten de normale lesroutine. “De kinderen komen dan bij mij, bijvoorbeeld tijdens het buitenspelen of tijdens de inloop, en dan doen we een kort spelletje,” legt ze uit. “Dat vinden ze leuk, want ze krijgen dan een-op-een aandacht.” Arbeidsintensief is zo’n benadering wel, bevestigt ze. Maar het voordeel is dat je dan het beste ziet hoe het écht gaat.

Herhaling

Een stappenplan heeft ze niet. “Het hangt helemaal af van de ontwikkeling van het kind. Als het een jong kind betreft, laat het dan lekker spelen. Alles wat ze meepikken, werkt in hun voordeel. Daarna ga je oefenen met hakken en plakken. Met klankgebaren erbij. Je probeert of ze wat woorden op kunnen schrijven, zodat ze op die manier al met klankzuivere letters gaan oefenen.”
Maar het succes staat of valt bij de inzet van de ouders. Die moeten ook elke dag met hun kind oefenen. “Over het algemeen staan de ouders daar wel voor open en zien ze het nut er van in. Vaak herkennen ze het als we het idee hebben dat een kind aanleg heeft voor dyslexie. Dan zeggen ze: oh, zijn broers hebben het ook. Of het zit in de familie. Zeg maar wat wij kunnen doen.”

Protocol Preventie van Leesproblemen geeft leerkrachten advies over hoe ze mogelijke lees- en spellingproblemen vroegtijdig kunnen signaleren en tips om kinderen met deze problemen goed te begeleiden. >klik hier<

Geen reactie's

Geef een reactie